Een rustige reis door de nacht
Een ster twinkelt voor het raam. Ze wil slapen, maar het lukt niet. Het kind gaat met haar mee de stille nacht in, waar alles wat langzamer gaat. De maan zingt een slaapliedje, een wolk biedt aan om kussen te zijn en de wind fluistert in plaats van te blazen.
Elke bladzijde wordt iets rustiger dan de vorige. Er is geen gevaar en niemand wordt achtervolgd. De ster ontmoet alleen een paar nieuwe vrienden, van wie ze telkens een beetje slaperiger wordt. Of de ster uiteindelijk in slaap valt en wie van de twee het eerst wegdommelt, ontdekken jullie tijdens het lezen.
Een slaapverhaaltje voor elke avond
Dit verhaalidee is fijn als laatste boek van de avond, vooral voor kinderen die moeilijk tot rust komen of nog lang liggen te piekeren als het licht uit is. Door het ritme van de tekst gaat je stem bijna vanzelf zachter en langzamer klinken.
Voor de allerkleinsten van 0 tot 2 jaar kunnen er een paar woorden per bladzijde komen, met rustgevende herhaling. Een driejarige geniet van de maan en het wolkenkussen. Een achtjarige kan het rustige tempo en de kleine details in de tekeningen waarderen, en misschien voorlezen aan een jonger broertje of zusje in het bed ernaast.
Het bed, het raam en het nachtlampje
Beschrijf de slaapkamer zoals die echt is: het raam waar de ster aanklopt, het nachtlampje en de knuffel die altijd naast je kind slaapt. Hebben jullie een eigen versje of een liedje voor het slapengaan, dan kan dat ook in het verhaal komen. Een broer of zus in het stapelbed kan mee op reis. Vertel gerust wat jullie door het raam zien: een boom, een lantaarnpaal of het dak van de buren.
Zeg na het lezen de dingen in de kamer een voor een welterusten en adem langzaam in en uit terwijl jullie aan een twinkelende ster denken. Vertel ook dat de sterren overdag nog steeds aan de hemel staan, maar dat de zon zo fel schijnt dat we ze niet kunnen zien. Meer rustige verhalen vind je onder Slaapverhaaltjes.









